Intens, hypnotisch en compromisloos
Dit evenement hoort bij de BRDCST concertreeks, een reeks die eigenzinnige artiesten verbindt met nieuwsgierige luisteraars. Hier ontdek je muziek die schuurt, verrast en blijft hangen.
Horse Lords is geen klassieke band, maar een zich voortdurend herconfigurerend klanksysteem dat sinds 2010 de grenzen van rock, minimalisme en experimentele muziek aftast. Ontstaan in het vruchtbare Baltimore-ecosysteem rond noise en outsider art, maar altijd met een bredere blik. Ritme wordt architectuur, microtonaliteit een motor voor beweging en frictie.
Hun muziek balanceert tussen mathematische precisie en lichamelijke drive. Invloeden zijn even omnivoor als scherp gekozen: Julius Eastman en La Monte Young, maar even goed James Brown en Roscoe Holcomb. Ook de geest van Fluxus waart rond, via figuren als George Maciunas en Henry Flynt. Samenwerkingen met componisten als Arnold Dreyblatt - wat resulteerde in het bejubelde album Extended Field - verdiepen hun interesse in just intonation en structurele helderheid.
Sinds 2021 opereert Horse Lords deels vanuit Duitsland, wat nieuwe performatieve en orkestrale mogelijkheden opent. Live vertaalt zich dat in spanningsvelden tussen quartet-discipline en collectieve expansie. Op hun in juni 2026 te verschijnen album Demand To Be Taken To Heaven Alive! (RVNG Intl.) wordt het format subtiel uitgebreid met blazers en stemmen. Basclarinet, trombone en zang kleuren het strakke raster zonder het los te laten.
Referenties lopen van Anni Albers’ textiele structuren tot islamitische geometrie en van elektronische pioniers als Maryanne Amacher tot de conceptuele helderheid van Tom Johnson. De titel verwijst naar Vladimir Majakovski en suggereert geen ontsnapping, maar intensivering. Niet het hiernamaals, maar een “eeuwig nu” staat centraal. Repetitie als ritueel, verandering als noodzaak. Horse Lords klinkt niet als een genre, maar als een voorstel.
“Horse Lords construct layers of punching, syncopated phrases using just intonation, drawing from krautrock, African polyrhythms and classical minimalism.” - Pitchfork